Zo haal je meer uit je yoga met yogablokken

Vera - 13-07-2026 - 6 min
Zo haal je meer uit je yoga met yogablokken

Je rolt vol goede moed je mat uit, maar in die ene houding lijkt de vloer ineens kilometers ver weg. Herkenbaar? Dan zijn yogablokken precies het hulpmiddel dat jouw practice fijner, veiliger en verrassend veel effectiever maakt.

Waarom een blok vaak het verschil maakt

Er is een moment dat bijna iedereen herkent: je rolt je mat uit, je voelt je gemotiveerd, en dan kom je in een houding terecht waarin “de vloer ineens heel ver weg” lijkt. Je hamstrings zijn korter dan je dacht, je schouders protesteren, of je balans is vandaag simpelweg wiebelig. Dat is geen falen, dat is informatie. Een yogablok is in zulke momenten geen ‘cheat', maar een slimme vertaler tussen wat je lichaam nu kan en waar je naartoe wilt.

Blokken brengen de grond naar je toe. Daardoor kun je langer rustig ademen, je uitlijning beter voelen en spanning wegnemen op plekken waar je die niet wilt, zoals in je onderrug of polsen. Het resultaat is vaak verrassend praktisch: minder gedoe, meer flow, en een practice die je ook op een drukke dag graag doet.

De drie functies die je meteen voelt in je lichaam

Een yogablok doet in de kern drie dingen voor je lichaam: het vergroot je bereik, geeft stabiliteit en verbetert je uitlijning. We lopen ze alle drie langs, zodat je precies weet wat je voelt en waarom..

1. Bereik: de vloer optillen zonder je rug te forceren

In voorover buigingen zie je het direct. Als je in Uttanasana (staande voorover buiging) naar je scheenbenen grijpt terwijl je rug bol wordt, voelt dat misschien “diepe stretch”, maar vaak is het vooral compressie. Zet je handen op blokken en je kunt je borst langer houden, je nek ontspannen en de rek laten landen waar je hem wilt: in de achterkant van je benen. Dit is ook fijn in Trikonasana (driehoek), waar een blok onder je onderste hand voorkomt dat je in je zij inzakt.

2. Stabiliteit: een extra contactpunt voor balans en vertrouwen

Balanshoudingen zijn zelden alleen een kwestie van “sterke enkels”. Het is ook aandacht, adem en durven loslaten. In Ardha Chandrasana (halve maan) kan een blok onder je hand je net dat extra contactpunt geven waardoor je heupen beter stapelen en je blik rustiger wordt. Je merkt het vaak aan je adem: die blijft voller, minder hoog in je borst.

3. Uitlijning: je lichaam leert het patroon, niet de truc

Een blok is ook een soort docent die niet praat. Klem bijvoorbeeld een blok tussen je bovenbenen in brug (Setu Bandha) om te voelen hoe je binnenbenen activeren. Of zet een blok tussen je handen in plank om je schouders breed te houden. Je traint dan het bewegingspatroon, zodat je later minder afhankelijk bent van het hulpmiddel.

Welk materiaal en formaat past bij jouw yogastijl?

Niet ieder yogablok voelt hetzelfde aan. Welk materiaal het prettigst is, hangt vooral af van de oefeningen die je doet en de ondersteuning die je nodig hebt. Foam is licht en zacht, waardoor het comfortabel aanvoelt bij rustige of herstellende houdingen. Ook wanneer je gevoelige polsen hebt, kan een zachter blok prettig zijn. Kurk is juist steviger en biedt meer stabiliteit, bijvoorbeeld bij staande houdingen waarbij je met meer gewicht op het blok leunt.

Let daarnaast goed op de grip. Tijdens een dynamische yogasessie kunnen zweterige handen ervoor zorgen dat een glad blok minder stabiel aanvoelt. Een stroever oppervlak geeft dan meer houvast en vertrouwen tijdens de bewegingen.

Een standaardformaat is voor de meeste mensen geschikt, maar soms biedt een groter blok net wat meer comfort. Extra hoogte is handig wanneer je de grond niet goed bereikt, terwijl een breder of steviger model meer zekerheid geeft wanneer je moeite hebt om op het blok te steunen. De juiste yogablokken kunnen zo helpen om houdingen toegankelijker te maken en tegelijkertijd meer stabiliteit, controle en comfort te ervaren.

Praktische houdingen waarin blokken meteen werken

Genoeg theorie, tijd om je blokken echt op de mat te leggen. In deze houdingen merk je meteen het verschil, van je schouders tot je heupen.

Downward dog zonder strijd in je schouders

Als Downward Dog bij jou snel in je schouders of polsen kruipt, probeer dan twee blokken onder je handen, op de hoogste stand. Je maakt de hoek kleiner, waardoor je bovenrug makkelijker lengte vindt. Denk: duw de vloer weg, laat je ribben zacht, en adem richting je flanken. Vaak voelt de houding ineens meer als “ruimte” dan als “trekken”.

Heupopeners met minder druk op je knieën

In Pigeon (duif) kan een blok onder je heup aan de “opgetrokken” kant je bekken ondersteunen. Dat voorkomt dat je scheef hangt en je knie al het werk doet. Je kunt dan echt verzachten, alsof je lichaam eindelijk toestemming krijgt om los te laten. Dit is ook een fijne set-up als je thuis yoga doet en de neiging hebt om nét iets te diep te gaan omdat niemand je corrigeert.

Restorative: je zenuwstelsel krijgt een seintje dat het veilig is

Blokken zijn niet alleen voor “hard werken”. In supported bridge leg je een blok onder je heiligbeen, niet onder je onderrug. Begin laag en voel of je adem rustig blijft. Dit kan heerlijk zijn na een dag veel zitten of scrollen, wanneer je lichaam nog in een soort ingehouden stand staat. Met ondersteuning zak je sneller uit je hoofd en in je lijf.

Veelgemaakte fouten (en hoe je ze makkelijk voorkomt)

De meest voorkomende misser is dat het blok een excuus wordt om uit te wijken. Bijvoorbeeld: je zet het blok in driehoek te ver naar voren, waardoor je schouder naar je oor kruipt en je borst dichtklapt. Zet het blok dan iets dichter bij je achterste voet, zodat je ruimte krijgt om te draaien en te openen. Denk in principes: lengte in je wervelkolom, adem vrij, en steunpunten die je houding eerlijker maken.

Een tweede valkuil is te snel te hoog. Hoger voelt soms “makkelijker”, maar kan je ook uit je stabiliteit trekken. Werk met de drie standen van je blok als met een volumeknop: zet hem zachter of harder afhankelijk van je dag. En tot slot: blokken horen stevig te staan. Op tapijt kunnen ze wiebelen, op een gladde vloer kunnen ze schuiven. Even testen voordat je gewicht erop zet, voorkomt gedoe.

Zo maak je blokken een vast onderdeel van je routine

Leg je blokken alvast naast je mat voordat je begint. Dat kleine ritueel scheelt later onderbrekingen, en het maakt de drempel lager om ze ook echt te gebruiken. Een simpele aanpak: kies per sessie één houding waarin je bewust met ondersteuning werkt. Vandaag je vooroverbuiging, morgen je balans, volgende keer een restorative houding. Zo leer je niet alleen “waar het blok moet”, maar vooral wat het in je lichaam verandert.

Na een paar weken merk je vaak iets grappigs: je gebruikt yogablokken minder om iets te halen, en meer om iets te voelen. Dan zijn ze niet langer een hulpmiddel omdat je het nodig hebt, maar een tool omdat je practice er rijker van wordt.

Beeld: Shutterstock

Liefs, Vera

Like / deel dit artikel:

Nieuwste artikelen

Lifestyle / Love & Life
Lifestyle / Nieuws
Beauty / Health
Acties
Nieuwste webshops
Laatste artikelen